Is mijn tijdelijke huurcontract nog geldig?
Kort antwoord
Uw tijdelijke huurcontract voor woonruimte is in principe nog geldig tot de afgesproken einddatum. Daarna gelden strikte regels: de verhuurder moet u tijdig schriftelijk informeren (tussen één en drie maanden vóór het einde), anders wordt het contract van rechtswege verlengd voor onbepaalde tijd. Sinds 1 juli 2024 (Wet vaste huurcontracten) mogen verhuurders alleen nog tijdelijke huurovereenkomsten sluiten voor maximaal twee jaar en met personen uit specifieke doelgroepen (of onder andere wettelijke uitzonderingen). Als u gewoon blijft wonen met instemming van de verhuurder, geldt het contract ook als stilzwijgend verlengd voor onbepaalde tijd.
Wanneer eindigt een tijdelijk huurcontract?
De hoofdregel staat in artikel 7:228 lid 1 BW: een huur voor bepaalde tijd eindigt zonder opzegging wanneer de afgesproken tijd is verstreken. Voor woonruimte geldt sinds 1 juli 2024 echter een aanvullende bescherming in artikel 7:271 lid 2 BW.
Wat betekent de Wet vaste huurcontracten (1 juli 2024)?
Sinds 1 juli 2024 is een huurovereenkomst voor woonruimte in beginsel voor onbepaalde tijd. Een tijdelijk huurcontract (artikel 7:271 lid 2 BW) mag alleen nog worden gesloten:
- voor de duur van maximaal twee jaar; én
- met personen die behoren tot de categorieën van het Besluit specifieke groepen tijdelijke huurovereenkomst (5 juni 2024). Dit zijn onder andere:
- studenten die tijdelijk elders studeren of internationale studenten;
- huurders die een wisselwoning krijgen vanwege renovatie of sloop van hun eigen woning;
- urgente woningzoekenden;
- huurders met een "tweedekanscontract" (na eerder woonproblematiek);
- wezen en nabestaanden;
- gescheiden ouders met minderjarige kinderen;
- werknemers op de Waddeneilanden;
- vergunninghouders (statushouders) die rechtstreeks uit een COA-opvanglocatie komen.
Voor andere categorieën huurders of voor langere termijn is geen tijdelijk contract meer mogelijk. Wordt toch een tijdelijk contract gesloten dat niet onder een uitzondering valt, dan wordt dat contract geacht een overeenkomst voor onbepaalde tijd te zijn.
De aanzegverplichting: informeren tussen 1 en 3 maanden voor het einde
Voor een tijdelijk huurcontract voor woonruimte (artikel 7:271 lid 2 BW) is het cruciaal dat de verhuurder u niet eerder dan drie maanden maar uiterlijk één maand vóór de einddatum schriftelijk informeert dat de huur op die datum afloopt.
- Doet de verhuurder dit op tijd? Dan eindigt het huurcontract van rechtswege op de einddatum.
- Doet de verhuurder dit niet of te laat? Dan wordt de huurovereenkomst na het verstrijken van de bepaalde tijd voor onbepaalde tijd verlengd. U heeft dan huurbescherming en de verhuurder kan alleen nog opzeggen via de rechter op grond van artikel 7:274 BW (bijvoorbeeld ernstige overlast, eigen gebruik).
Andere uitzonderingen op het verbod op tijdelijke verhuur
Naast de doelgroepen uit het Besluit zijn er nog andere wettelijke mogelijkheden voor een tijdelijk huurcontract:
| Uitzondering | Regel | Wettelijke grondslag |
|---|---|---|
| Leegstandswet | Tijdelijke verhuur van een leegstaande woning met gemeentelijke vergunning | Leegstandswet |
| Diplomatenclausule | Verhuurder verhuurt tijdelijk omdat hij zelf (tijdelijk) afwezig is of de woning wil verkopen; de verhuurder kan het contract tussentijds beëindigen | Artikel 7:271 lid 5 BW |
| Hospita-verhuur | Kamer in de woning waarin de verhuurder zelf hoofdverblijf heeft; huurbescherming is de eerste 9 maanden uitgesloten | Artikel 7:232 lid 3 BW |
| Sloop/renovatie | Woning wordt binnen 12 maanden gesloopt of zwaar gerenoveerd | Specifieke regeling onder de Wet vaste huurcontracten |
| Campuscontract / doelgroepencontract woningcorporatie | Specifieke doelgroepen (studenten, jongeren, ouderen, etc.); de huur eindigt als huurder niet meer tot de doelgroep behoort | Artikel 7:274 lid 1 onder c BW |
Stilzwijgende verlenging: gewoon blijven wonen?
Als u na afloop van de huur met goedvinden van de verhuurder het gebruik van de woning behoudt, wordt de huurovereenkomst volgens artikel 7:230 BW van rechtswege omgezet in een huur voor onbepaalde tijd, ongeacht de oorspronkelijke termijn. De huurbescherming is dan volledig van toepassing.
Contracten gesloten vóór 1 juli 2024
De Wet vaste huurcontracten is niet met terugwerkende kracht ingevoerd. Een tijdelijk huurcontract dat vóór 1 juli 2024 is gesloten valt onder het oude recht:
- Zelfstandige woonruimte: maximaal twee jaar.
- Onzelfstandige woonruimte: maximaal vijf jaar.
Deze contracten mogen gewoon hun loop uitdienen. Wordt zo'n contract daarna verlengd, dan krijgt u vanaf dat moment een vast huurcontract (voor onbepaalde tijd).
Wanneer "is mijn contract nog geldig" eigenlijk?
Samengevat is uw tijdelijke huurcontract nog geldig tot de overeengekomen einddatum, tenzij:
- de verhuurder het contract tussentijds rechtsgeldig heeft opgezegd (bij een diplomatenclausule of met uw instemming);
- u en de verhuurder samen het contract hebben beëindigd;
- u inmiddels een nieuwe huurovereenkomst voor onbepaalde tijd bent aangegaan;
- u na de einddatum bent blijven wonen met instemming van de verhuurder (dan is het contract stilzwijgend voor onbepaalde tijd verlengd op grond van artikel 7:230 BW).
Twijfelt u of uw contract nog geldig is?
Controleer dan:
- Wat is de einddatum in uw contract?
- Valt u onder een van de doelgroepen van het Besluit specifieke groepen (of onder een andere uitzondering)?
- Heeft u tussen één en drie maanden voor de einddatum een schriftelijke aanzegging van de verhuurder ontvangen dat het contract eindigt?
- Bent u gewoon blijven wonen na de einddatum?
Mist u de schriftelijke aanzegging, dan heeft u sinds de Wet vaste huurcontracten sterke bescherming: uw contract is dan voor onbepaalde tijd verlengd.
Disclaimer
Bovenstaande is een algemene toelichting op basis van de huidige wetgeving en vormt geen juridisch advies voor uw persoonlijke situatie. Raadpleeg bij twijfel een jurist of het Juridisch Loket.
Bronnen
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 228 lid 1 BW — einde huur voor bepaalde tijd: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=228&g=2026-08-27
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 230 BW — stilzwijgende verlenging: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=230&g=2026-08-27
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 232 lid 3 BW — hospita-uitzondering: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=232&g=2026-08-27
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 271 lid 2 BW — tijdelijke huur woonruimte met specifieke doelgroepen: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=271&g=2026-08-27
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 271 lid 5 BW — diplomatenclausule: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=271&g=2026-08-27
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, Artikel 274 BW — opzeggingsgronden verhuurder: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=274&g=2026-08-27
- Besluit specifieke groepen tijdelijke huurovereenkomst (Stb. 2024, 152): https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2024-152.html
- Rijksoverheid – Wanneer kan ik tijdelijk huren?: https://www.rijksoverheid.nl/vraag-en-antwoord/huurwoning-zoeken/wanneer-kan-ik-tijdelijk-huren
- Wet vaste huurcontracten (Koch Advocaten, 2024): https://www.kochadvocaten.nl/blog/tijdelijke-huurcontracten-woonruimte-aan-banden-gelegd
- Toelichting Besluit doelgroepen tijdelijke verhuur (VBTM Advocaten, 2024): https://www.vbtm.nl/weblog/besluit-doelgroepen-tijdelijke-verhuur