Klant betaalt factuur niet: wat kan ik doen als zzp'er?
Klant betaalt factuur niet: wat kan ik doen als zzp'er?
Korte conclusie: Stuur eerst een schriftelijke aanmaning met een redelijke betaaltermijn; zodra de klant dan nog niet betaalt, is hij in verzuim (artikel 6:81-6:83 BW). Vanaf dat moment kun je wettelijke rente (artikel 6:119/119a/120 BW) en buitengerechtelijke incassokosten (artikel 6:96 BW) in rekening brengen, en bij blijvend niet-betalen een procedure starten bij de kantonrechter. De vordering verjaart in beginsel vijf jaar na de vervaldatum (artikel 3:307 BW); stuit die verjaring dus op tijd.
1. De basis: welke overeenkomst is dit?
Werk je als zzp'er met een opdracht van een klant, dan is er meestal sprake van een overeenkomst van opdracht (artikel 7:400 BW) of, wanneer je een tastbaar resultaat oplevert, van aanneming van werk (artikel 7:750 BW). In beide gevallen heeft de opdrachtgever de wettelijke verplichting om de afgesproken prijs te betalen; weigert hij dat zonder geldige reden, dan is er sprake van wanprestatie (artikel 6:74 BW).
De factuur zelf is een eenzijdig bewijsstuk van die verbintenis tot betaling. De hoogte en termijn kun je contractueel of in je algemene voorwaarden vastleggen, maar zonder afspraak geldt de gebruikelijke 30-dagentermijn uit artikel 6:119a lid 2 BW (zie hieronder).
2. Stap-voor-stap: van herinnering tot procedure
Stap 1 – Vriendelijke betalingsherinnering. Vaak is een simpele herinnering al genoeg. Stuur deze schriftelijk (e-mail of brief) en bevestig het factuurnummer, bedrag, vervaldatum en bankrekeningnummer.
Stap 2 – Formele ingebrekestelling. Wordt er niet gereageerd, dan stuur je een schriftelijke ingebrekestelling: een aanmaning met een redelijke termijn (meestal 7-14 dagen) waarbinnen alsnog betaald moet worden. Zonder zo'n aanmaning treedt het verzuim niet automatisch in, tenzij er in de overeenkomst of op de factuur een specifieke betaaldatum staat die inmiddels is verstreken (artikel 6:83 sub a BW). De ingebrekestelling is geregeld in artikel 6:82 BW.
Stap 3 – Vorder rente en incassokosten. Vanaf de dag dat de klant in verzuim is, heb je recht op:
- Wettelijke (handels)rente (artikel 6:119 jo. 6:120 BW). Tussen twee partijen die in de uitoefening van beroep of bedrijf handelen - de normale situatie bij een zzp'er - is dit de wettelijke rente voor handelstransacties uit artikel 6:119a/119b jo. 6:120 lid 2 BW: de ECB-herfinancieringsrente plus 8 procentpunt, per halfjaar vastgesteld. (Het precieze percentage wisselt; controleer dit dus per concrete factuur bij DNB of de Rijksoverheid.) Bij particuliere klanten die niet handelen in beroep/bedrijf geldt de algemene wettelijke rente van artikel 6:119 jo. 6:120 lid 1 BW (vorm: AMvB).
- Buitengerechtelijke incassokosten (artikel 6:96 BW). Lid 4 bepaalt dat in handelstransacties ten minste €40 verschuldigd is, zonder aanmaning, vanaf de dag na de uiterste betaaldag. De overige staffel volgt uit het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (gelinkt aan artikel 6:96 lid 5 BW). Voor consumenten (particuliere klanten) moet je in de aanmaning eerst melden dat er incassokosten volgen als er niet betaald wordt.
Stap 4 – Inschakeling incassobureau of advocaat. Je kunt de inning uit handen geven. Let op: de kosten hiervan mag je alleen aan de klant doorberekenen als ze redelijk zijn (artikel 6:96 lid 2 sub c BW) en binnen de staffel van het Besluit blijven.
Stap 5 – Dagvaarden. Blijft de klant weigeren, dan kun je naar de kantonrechter stappen (de bevoegde rechter voor vorderingen tot een geldbedrag tegen een niet-consument, ongeacht het bedrag, en bij consumenten tot €25.000). Met een vonnis kun je vervolgens executiemaatregelen nemen, zoals loonbeslag, bankbeslag of (in geval van een bedrijf) verhaal op inventaris.
3. Speciale situaties
| Situatie | Wat je kunt doen |
|---|---|
| Klant betwist de factuur (kwaliteit/te veel werk) | Eerst in gesprek; bewaar alle urenregistraties, offertes, e-mails. Zonder gegronde klacht blijft de vordering opeisbaar. |
| Klant heeft surseance van betaling aangevraagd | Tijdens surseance mag je niet zonder meer beslag leggen. Dien je vordering in bij de bewindvoerder. |
| Klant is failliet | Dien je vordering in bij de curator via de faillissementsgriffie. Je valt in de gewone schuldeisersrij; bij voorrang (pand, hypotheek) kun je je verhaalsrecht uitoefenen. |
| Klant doet een beroep op de WHOA (Wet homologatie onderhands akkoord) | Een akkoord dat de rechter homologeert, kan ook jou als concurrente schuldeiser binden. Volg de publicatie in het Centraal Insolventieregister (Faillissementswet). |
| Klant is een buitenlandse partij | Het verdrag/Verordening bepaalt of een Nederlandse of buitenlandse rechter bevoegd is; bewijs kan via factuur, opdrachtbevestiging en algemene voorwaarden worden geleverd. |
4. Verjaring: handel binnen vijf jaar
Een vordering tot betaling van een factuur verjaart in beginsel vijf jaar na de dag volgend op die waarop de vordering opeisbaar werd (artikel 3:307 lid 1 BW). Voor schadevergoeding en buitengerechtelijke kosten gelden de termijnen van de artikelen 3:310 en 3:312 BW (in beginsel eveneens vijf jaar). Een schriftelijke aanmaning waarin je je recht op nakoming ondubbelzinnig voorbehoudt, stuit de verjaring (artikel 3:317 BW); na een stuiting begint een nieuwe termijn te lopen (artikel 3:319 BW). Stuur dus niet alleen een betalingsherinnering, maar bewaar ook het bewijs van elke (ontvangen) aanmaning, sommatie of dagvaarding.
5. Praktische checklist voor zzp'ers
- Leg de prijs en betaaltermijn vast in de opdrachtbevestiging of algemene voorwaarden.
- Stuur een duidelijke factuur met factuurdatum, vervaldatum, btw-bedrag en bankgegevens.
- Herinner kort na het verstrijken van de termijn.
- Ingebrekestelling met laatste termijn en vermelding van rente- en incassokosten (B2C: verplicht op grond van artikel 6:96 lid 6 BW).
- Incassobureau of advocaat inschakelen als betaling uitblijft.
- Dagvaarding bij de kantonrechter; vonnis → beslag en eventueel faillissementsverzoek.
- Let op de verjaring: stuit tijdig en bewaar alle correspondentie.
Disclaimer. Dit is een algemene toelichting op de hoofdlijnen van het Nederlandse recht en geen juridisch advies voor jouw specifieke situatie. Heb je een grote vordering, een betwisting of een faillissement/surseance van de klant? Raadpleeg dan een advocaat of juridisch adviseur.
Geraadpleegde bronnen:
- Burgerlijk Wetboek Boek 6 — artikel 74, 80, 82, 83, 96, 119, 119a, 119b, 120: https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005289
- Burgerlijk Wetboek Boek 7 — artikel 400 (overeenkomst van opdracht), 750 (aanneming van werk): https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290
- Burgerlijk Wetboek Boek 3 — artikel 307, 310, 311, 312, 317, 319 (verjaring en stuiting): https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005291
Opmerking: de exacte percentages van de wettelijke handelsrente en de staffel van buitengerechtelijke incassokosten worden per halfjaar respectievelijk in een algemene maatregel van bestuur vastgesteld en zijn niet in de hierboven geciteerde wetteksten opgenomen; controleer het actuele percentage voor handelstransacties bij DNB/Rijksoverheid en de staffel in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten vóór je een concrete aanmaning verstuurt.