Moet ik gebruikers vertellen dat ze met AI praten?
Korte conclusie: Ja — onder de EU AI-verordening (Verordening (EU) 2024/1689, de "AI-verordening" of "EU AI Act") moet u personen met wie een AI-systeem direct interacteert in beginsel informeren dat zij met een AI-systeem communiceren. Deze verplichting geldt vanaf 2 augustus 2025. Er gelden uitzonderingen, met name wanneer dit uit de omstandigheden duidelijk is en voor wetshandhaving, nationale veiligheid en bepaalde onderzoeks- of testdoeleinden.
Redenering
1. De hoofdregel: informatieplicht bij directe interactie (artikel 50 lid 1)
Artikel 50 van de AI-verordening bevat de transparantieverplichtingen. Lid 1 luidt (verkort):
Aanbieders en exploitanten van AI-systemen die rechtstreeks met natuurlijke personen communiceren, informeren die personen dat zij met een AI-systeem communiceren, tenzij dit uit de omstandigheden van het gebruik voldoende duidelijk is voor een redelijk geïnformeerde persoon.
Praktisch betekent dit dat wie bijvoorbeeld een chatbot, een AI-stemassistent of een AI-gestuurde klantenservice inzet, de gebruiker vóór of bij aanvang van de interactie duidelijk moet maken dat hij met een machine praat. Een korte mededeling zoals "U praat nu met een AI-assistent" of een gelijkwaardige tekstinstructie vóór het gesprek volstaat doorgaans.
De verplichting rust zowel op de aanbieder (degene die het systeem ontwikkelt of op de markt brengt) als op de exploitant (degene die het onder zijn eigen verantwoordelijkheid gebruikt). In een typische klantcontact-context is de exploitant-verplichting het meest relevant.
2. Wanneer hoeft het niet? De uitzondering "voldoende duidelijk uit de omstandigheden"
De verordening bevat een ingebouwde uitzondering: als het voor een redelijk geïnformeerde persoon voldoende duidelijk is dat hij met een AI-systeem te maken heeft, hoeft geen aparte kennisgeving. Voorbeelden:
- Een zoekmachine die expliciet als AI-zoekfunctie wordt gepresenteerd.
- Een AI-foto-editor waar de gebruiker zelf het AI-gereedschap kiest.
De drempel is "redelijk geïnformeerde persoon" — de wetgever heeft hier bewust ruimte gelaten voor het gebruikscontext, maar de bewijslast ligt bij de aanbieder/exploitant.
3. Andere transparantieverplichtingen uit artikel 50 die voor u relevant kunnen zijn
- Emotieherkenning en biometrische categorisatie (lid 3): exploitanten moeten de blootgestelde personen informeren en de toepassing van het systeem in de relevante informatie vermelden.
- Synthetische audio, beeld, video en tekst (deepfakes en AI-gegenereerde content) (lid 4): exploitanten van een AI-systeem dat synthetische inhoud genereert of manipuleert, moeten bekendmaken dat de inhoud kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd. Voor deepfakes gelden aanvullende regels wanneer het werk een bestaand persoon, object of gebeurtenis uitbeeldt.
- Aanbieders van generatieve AI-modellen (artikel 53): moeten onder meer een samenvatting van de trainingsdata openbaar maken en AI-gegenereerde content machineleesbaar als zodanig markeren.
4. Specifieke uitzonderingen voor wetshandhaving en onderzoek
De verordening kent een aantal gerichte uitzonderingen op de transparantieverplichtingen, vooral wanneer openbaarmaking de opsporing van strafbare feiten zou belemmeren of wanneer nationale veiligheid in het geding is. Deze uitzonderingen zijn strikt uitgelegd en zijn niet bedoeld voor "gewone" klantinteractie-toepassingen. Voor een gewone onderneming of organisatie die een chatbot inzet, gelden zij niet.
5. Wanneer treedt dit in werking?
Overeenkomstig artikel 113 van de AI-verordening zijn de transparantieverplichtingen van artikel 50 van toepassing met ingang van 2 augustus 2025 (zes maanden na inwerkingtreding). Vanaf dat moment moet eenieder die een direct-interactief AI-systeem inzet in de EU — of het resultaat ervan in de EU gebruikt wordt — aan deze verplichting voldoen.
Wat moet u concreet doen?
- Breng in kaart welke AI-systemen in uw organisatie direct met klanten, bezoekers of medewerkers communiceren (chatbots, stemassistenten, AI-klantenservice, AI-receptie, etc.).
- Voeg een duidelijke kennisgeving toe aan de start van de interactie (visueel en/of tekstueel), bijvoorbeeld via een welkomstscherm, een banner of een gesproken mededeling.
- Documenteer dat uw AI-systeem kwalificeert als "voldoende duidelijk uit de omstandigheden" als u meent dat de uitzondering geldt.
- Controleer of u ook onder andere artikelen van hoofdstuk V valt (deepfake-melding, emotionherkenning, etc.).
Bronnen
- Verordening (EU) 2024/1689 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 (AI-verordening), artikel 50 (transparantieverplichtingen voor aanbieders en exploitanten van bepaalde AI-systemen) en artikel 53 (verplichtingen voor aanbieders van generatieve AI-modellen).
- EUR-Lex — Verordening (EU) 2024/1689: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:32024R1689
- EUR-Lex — Artikel 50 (transparantieverplichtingen): https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:32024R1689#art_50
Opmerking over verificatie: in deze sessie kon de web_search-tool geen actuele EUR-Lex-pagina's ophalen. De bovenstaande CELEX-links volgen het standaard-URL-patroon van EUR-Lex voor Verordening 2024/1689; controleer de pagina zelf om de exacte artikelnummers en de geldende toepassingsdata voor uw situatie te bevestigen.
Disclaimer: dit artikel is bedoeld als algemene, publieksvriendelijke toelichting en vormt geen juridisch advies. Voor een bindend oordeel over uw concrete situatie raadpleegt u een gekwalificeerd juridisch adviseur, met name als u naast directe-interactie-AI ook andere AI-toepassingen (zoals biometrische systemen of generatieve content) inzet.